Als u in
Nederland op een golfclub een rondje gaat golfen, ontvangt u een scorekaart van
de baan die u gaat spelen.
Op de scorekaart staat minimaal de volgende informatie:
Naam en Code van de Player of Speler met zijn Exact Handicap (EHcp) en Playing
Handicap (PHcp)
Naam en Code van de Marker
Een aantal kolommen voor hole 1 tot en met 9
Een aantal kolommen voor hole 10 tot en met 18
De Speler is uw medespeler. Zelf bent u Marker.
De Code van de Speler en de Marker is de Code die de Speler en de Marker via hun
eigen golfclub en/of NGF hebben ontvangen.
Exact Handicap is uw handicap, centraal geregistreerd bij de NGF.
Playing Handicap is de handicap waar u mee speelt op deze baan, inclusief
verrekening van de moeilijkheidsgraden (CR en SR) van deze baan.
Uw Playing Handicap vindt u terug in het clubhuis of bij de starter. Daar hangen
grote kaarten met tabellen waarop u voor de baan die u gaat spelen uw Exact
Handicap kunt vinden met bijbehorende Playing Handicap.
De Playing Handicap wordt als volgt berekent:
Playing Handicap = Exact Handicap * (SR / 113) + (CR – Par)
CR is Course Rating, de moeilijkheidsgraad van de golfbaan voor een Scratch
Speler (een speler met Handicap 0)
SR is Slope Rating, de relatieve moeilijkheidsgraad van de golfbaan voor een
golfer. Hoe hoger de SR hoe moeilijker de baan. Een SR van 113 staat voor de
gemiddelde moeilijkheidsgraad.
Op de scorekaart staat achter iedere hole in kolommen minimaal de volgende
informatie:
Lengte van de hole
eventueel zijn er meerdere lengtes vermeld voor verschillende Tees, zoals Back
Tees en Medal Tees
standaard speelt u van de Medal Tees
alleen spelers met een lage handicap mogen van de Back Tees spelen
Par van de hole
Stroke Index (SI) van de hole
Ruimte om de score en punten van de speler en de marker in te vullen
De Par van de hole is gerelateerd aan de lengte van de hole. Dit werkt als volgt:
een hole met een lengte korter dan 228 meter is een par 3
een hole met een lengte tussen 229 en 434 meter is een par 4
een hole met een lengte langer dan 435 meter is par 5
Een hole met een par van 3 betekent dat een professional in één keer op de
green hoort te spelen en daarna met twee puts kan uitholen.
Een hole met een par van 4 betekent dat een professional in twee keer op de
green hoort te spelen en daarna met twee puts kan uitholen.
Een hole met een par van 5 betekent dat een professional in drie keer op de
green hoort te spelen en daarna met twee puts kan uitholen.
Uw Playing Handicap heeft als gevolg dat u de par van de hole mag omrekenen naar
een “Playing Par”. Dit werkt als volgt:
U telt bij iedere hole een punt op, tellende vanaf Stroke Index 1 richting
Stroke Index 18, net zolang totdat uw punten (= Playing Handicap) op zijn.
Voorbeeld:
Indien uw Playing Handicap 39 is, (18+18+3), mag u bij de holes met Stroke Index
1 tot en met 3 drie punten optellen en bij de overige holes twee punt optellen
(Stroke Index 4 tot en met 18).
Indien u Playing Handicap 36 is, (18+18), mag u bij iedere hole 2 punten
optellen
Indien uw Playing Handicap 30 is, (18+12), mag u bij de holes met Stroke Index 1
tot en met 12 twee punten optellen en bij de overige holes één punt optellen
(Stroke Index 13 tot en met 18).
Indien uw Playing Handicap 24 is, (18+6), mag u bij de holes met Stroke Index 1
tot en met 6 twee punten optellen en bij de overige holes één punt optellen
(Stroke Index 7 tot en met 18).
Indien uw Playing Handicap 10 is, mag u bij de holes met Stroke Index 1 tot en
met 10 één punt optellen .
Na afloop van iedere hole vult u op uw scorekaart de scores in die uw medespeler
en uzelf als Marker hebben gerealiseerd.
Nadat u alle 18 holes heeft gelopen gaat u, op het terras bij het clubhuis onder
het genot van een hapje en drankje, rustig uw score uitrekenen. Doe dit vooral
niet bij iedere hole op de green, nadat u hebt geput! Er willen nog meer
golfliefhebbers genieten van een rondje golf en ook zij willen, net als u,
liever niet wachten totdat iemand zijn rekensommetjes op de green staat af te
maken. Zorg dat u tempo houdt in het spel.
U krijgt per hole de volgende stableford punten:
0 stableford punten indien uw score 2 punten of meer boven de playing par van de
hole
1 stableford punt indien uw score 1 punt boven de playing par van de hole
2 stableford punten indien uw score gelijk is aan de playing par van de hole
3 stableford punten indien uw score 1 punt onder de playing par van de hole
4 stableford punten indien uw score 2 punten onder de playing par van de hole
5 stableford punten indien uw score 3 punten onder de playing par van de hole
6 stableford punten indien uw score 4 punten onder de playing par van de hole
Nadat u voor alle holes afzonderlijk de stableford punten heeft berekend telt u
het aantal stableford punten van hole 1 tot en met 9 bij elkaar op en vult deze
op de scorekaart in bij OUT.
Daarna telt u het aantal stableford punten van hole 10 tot en met 18 bij elkaar
op en vult deze op de scorekaart in bij IN.
Tot slot telt u het aantal stableford punten OUT en IN bij elkaar en heeft u uw
totaal stableford score berekend. U vult deze op de scorekaart in bij TOT of
TOTAAL.